Berichten

sociale media kiezen

Stoomcursus: welke sociale media zijn relevant voor kerken?

Wel of niet actief op sociale media als kerk en zo ja, welke kies je dan? Sta je als kerk op zo’n kruispunt? We gidsen je er graag doorheen met een korte omschrijving van de belangrijkste sociale media en hun bruikbaarheid voor de kerk.

Facebook en hoe je dit als kerk kunt gebruiken

Facebook is het grootste sociale netwerk. In Nederland waren er medio 2017 9,5 miljoen gebruikers. In de basis is facebook een ‘smoelenboek’. Je kunt vrienden worden met anderen op basis van de profielfoto en gedeelde interesses. In de tijdlijn zie je wat je vrienden delen aan foto’s, belevenissen, filmpjes of artikelen. Facebook staat bekend om de vind-ik-leuk-knop, waarmee je complimenten kunt uitdelen aan wat anderen delen. Op basis van wat je leuk vindt, beslist Facebook wat je te zien krijgt. Het nadeel daarvan is dat op die manier de zogenaamde filterbubbels ontstaan: mensen zien alleen dingen van mensen met wie ze toch al veel gemeen hebben. De laatste tijd is Facebook negatief in het nieuws vanwege vraagstukken rondom privacy.

Als kerk is het handig om een eigen pagina te maken op Facebook. Personen kunnen zo’n pagina ‘leuk vinden’ en krijgen dan te zien wat je op zo’n pagina deelt. Dit is bruikbaar om ‘reclame’ te maken voor bijvoorbeeld een kerstdienst of rommelmarkt. Ook is het mogelijk om via zo’n pagina alvast wat aandacht te vestigen op de dienst van zondag door bijvoorbeeld een passend filmpje te delen. Ook voor predikanten en kerkelijk (jeugd)werkers kan het handig zijn een eigen account te hebben. 

Om gemeenteleden met elkaar in contact te brengen is een (besloten) groep heel geschikt. Van zo’n groep kunnen mensen lid worden en dan zelf plaatsen wat ze willen, zoals uitnodigingen voor een activiteit of een reactie op de kerkdienst. Het is aan te raden om vooraf duidelijk te maken wat de grenzen zijn in zo’n groep. Het is weinig vruchtbaar als kerkleden met elkaar in discussie gaan via Facebook. Dat kan beter face to face. 

Twitter en hoe je dit als kerk kunt gebruiken

Twitter is een korte-berichten-service waarmee mensen in 280 tekens (vroeger 140 tekens) kunnen twitteren (kwetteren). De berichten van mensen die je volgt verschijnen grotendeels chronologisch in je tijdlijn. Twitter wordt vooral veel gebruikt door nieuwsmedia, politici, artiesten en bedrijven. Via Twitter kun je snel op een ander reageren. Daardoor ontstaan er soms hele lange openbare discussies waarin iedereen kan meedoen (in twittertaal is dat een ‘fittie’). Dat levert soms een nare sfeer op waarin mensen schelden en elkaar blokkeren. Het aantal gebruikers van Twitter daalt al een tijd. Er zijn relatief weinig jongeren te vinden. Medio 2017 bezochten 2,2 miljoen Nederlanders dit platform.

Het belang van twitter voor de kerk is beperkt. Er zijn te weinig gemeenteleden lid om het zinvol te gebruiken om plaatselijke activiteiten aan te kondigen. Meer zin heeft het om bovenplaatselijke activiteiten zoals conferenties aan te kondigen. Door goed gebruik van hashtags kunnen mensen je dan makkelijk vinden. Ook is het mogelijk dat aanwezige twitteraars op je conferentie via de hashtag meetwitteren, zo ontstaat er een spontaan live-verslag. 

Instagram en hoe je dit als kerk kunt gebruiken

Instagram is een gratis app op je smartphone waarmee je foto’s en filmpjes kunt delen. Het medium is vooral bekend vanwege de filters waarmee je foto’s heel makkelijk een eigen sfeer kunt meegeven. De foto’s en filmpjes van mensen die je volgt krijg je onder elkaar te zien in een tijdlijn. Je kunt ze ‘leuk vinden’ of er op reageren. Via een handig gebruik van hashtags kun je foto’s vindbaar maken voor een groter publiek. Instagram wordt veel gebruikt door beroemdheden die hun leven delen. Berichten van hen ontvangen soms miljoenen likes. Jongeren zijn in verhouding veel op Instagram te vinden. Zij verlaten Facebook en Twitter ten gunste van Instagram. 

Instagram is vooral een sterk persoonlijk medium. Als kerk is het lastig om het goed in te zetten. Maar als werker in de kerk is het heel goed te gebruiken om contacten te leggen, vooral met de jongere generatie. Een reactie op een leuke foto van jongeren kan veel goeds doen. Ook kun je als pastor heel makkelijk een kijkje geven in je eigen leven, zodat drempels in het contact met jongeren wegvallen. Hier vind je een kerk die op aansprekende wijze actief is op Instagram. 

Snapchat en hoe je dit als kerk kunt gebruiken

Snapchat is echt het domein van jongeren. 67% van hen gebruikt het, tegenover nog geen 5% van de 40+-ers. Op dit medium zijn berichten slechts maximaal 10 seconden zichtbaar op het scherm van de ontvanger. Het medium wordt vooral gebruikt voor selfies. Het komt vaak negatief in het nieuws omdat jongeren pikante foto’s naar elkaar versturen die de ontvanger dan snel vastlegt met een screenshot. Zo blijft de foto bewaard en wordt de ander daar mee gepest. 

Als kerk is het lastig om dit middel in te zetten. Niet alleen omdat je als kerkelijk werker terughoudend moet zijn in één op één contact met jongeren, maar ook omdat jongeren dit medium massaal gebruiken omdat het uit het zicht van volwassenen blijft. Maar het is als kerkelijk werker wel goed om te weten wat jongeren op hun mobiel bezighoudt, om er zo nu en dan met ze over te kunnen praten en pestgedrag te kunnen herkennen. 

WhatsApp en hoe je dit als kerk kunt gebruiken

Whatsapp is een berichtenservice die gekoppeld is aan je mobiele nummer. Heel handig voor de persoonlijke communicatie met mensen die je kent. Een veel gebruikte functie is de groeps-chat. Daarmee kun je bijvoorbeeld als hele schoolklas tegelijk met elkaar chatten. In Nederland gebruiken bijna 11 miljoen mensen Whatsapp. 

In de kerk is Whatsapp bijna onmisbaar. Jongeren reageren nauwelijks op hun email. Als middel om jongeren te binden aan catechisatie of club is de groeps-chat heel bruikbaar. Ook steeds meer kerkenraden gebruiken de Whatsapp om elkaar op de hoogte te houden. 

YouTube en hoe je dit als kerk kunt gebruiken

YouTube is de grote videosite van google. Meer dan 50% van alle Nederlanders maakt regelmatig gebruik van YouTube. Met een account is het makkelijk om zelf filmpjes te uploaden. En er is een enorme hoeveelheid aan documentaires, tv- uitzendingen en persoonlijk materiaal te vinden. Tegenwoordig hebben steeds meer mensen een eigen kanaal op YouTube. Via vlogs (videolog) geven zij een inkijkje in hun eigen leven. Op zo’n kanaal kun je je abonneren, zodat je niets hoeft te missen. In de jongerenwereld zijn daardoor sterren ontstaan die puur op basis van YouTube even populair zijn als popsterren in vroeger tijden.

Voor de kerk is Youtube goed bruikbaar. De filmpjes zijn makkelijk te delen via facebook. Er is een schat aan filmpjes die het evangelie of de bijbel goed uitleggen, zoals bijvoorbeeld ‘the Bible Project’. Verder zijn er tegenwoordig enkele vloggende dominees die op een laagdrempelige manier hun leven en het evangelie laten zien.

Als plaatselijke kerk is het nog niet zo heel makkelijk om zelf goede content voor Youtube te maken. Het is ook de vraag of het nodig is. Wil je het wel doen, deel dan vooral persoonlijke verhalen, zoals bijvoorbeeld een ontroerend getuigenis in een belijdenisdienst. 

Geef ruimte aan initiatieven en creativiteit

Kortom, de online media geven een plaatselijke gemeente veel kansen. Dan is het wel nodig dat een kerkenraad hiervoor de verantwoordelijkheid neemt, een communicatiecommissie instelt en er middelen beschikbaar voor stelt. De richtlijnen zullen niet al te beperkend moeten zijn. Het gebruik van de online media heeft baat bij initiatieven en creativiteit. Vraag de genoemde commissie om een eigen ‘strijdplan’ te schrijven en je kunt als kerkenraad verrast worden door de mate waarop gemeenteleden meedenken met het communicatiebeleid.

Bovenstaande tekst komt uit de brochure Kerk-zijn online (uitgave deputaten Kerk & Media van de CGK, 2018). Je kunt de brochure tegen een kleine vergoeding aanvragen via: e.vanderlinde@ckg.nl of via CGK, postbus 334, 3900 AH Veenendaal.

toegevoegde waarde

Lezersvraag: ‘Wat is de toegevoegde waarde van een website voor een kerk?’

In de enquête die de bezoekers na afloop van de Inspiratieavonden hebben ingevuld, stond ook de vraag: welke vragen heb jij? Daar zijn boeiende vragen uit gerold. Vandaar dat we starten met een nieuwe blogserie waarin we lezersvragen beantwoorden. 

Dit keer is dat de volgende vraag: ‘Heeft een website en aanwezigheid op sociale media wel toegevoegde waarde voor een kerk?’

Terechte vraag

Het is een beetje flauw om te zeggen dat je in deze wereld niet meer zonder online presentie kan, ook (of juist) als kerk. Maar dat is een beetje een dooddoener. Daarom wil ik eerst even stilstaan bij de achtergrond van deze vraag. Want het is een terechte vraag.

Een goede website onderhouden en zorgen voor lezenswaardige content op je site en sociale media kanalen kost veel tijd. En als je veel tijd en energie in een project stopt, is de vraag gerechtvaardigd of dit wat oplevert. Deze vraag verdient dus een serieus antwoord.

Om deze vraag te beantwoorden, kijk ik naar twee vragen:

  1. Wie wil je bereiken? – op wie richt je je communicatie?
  2. Wie bereik je echt? – komt de boodschap ook aan?

Wie wil je bereiken?

Het begint allereerst met je missie. Als kerk heb je een heel duidelijke missie. Welke woorden je er ook aan geeft, het draait er om dat je het Evangelie wilt delen met mensen. Doe je dat als kerk vooral met de mensen die al over de drempel zijn, of richt je je ook op mensen daarbuiten? Ook hier geldt: elke kerk is verschillend en ook hier kun je maar beter nuchter en eerlijk zijn (ipv wishfulthinking of ‘hoe het zou moeten’).

Misschien is jouw kerk wel naar binnen gericht. Daar kun je van alles van vinden, maar dan richt je je dus primair op je eigen leden. Het doel van jouw website en sociale media is dan primair om je leden op de hoogte te houden van de doelen, mensen en activiteiten in jouw kerk. Is jouw doelgroep helemaal niet zoveel online? Hou dan vooral ook de papieren nieuwsbrief in ere. Het gaat er om dat je die groep bereikt, die je wilt bereiken. Het draait niet om het middel dat je hierbij inzet.

Is jouw doelgroep helemaal niet zoveel online? Hou dan vooral ook de papieren nieuwsbrief in ere.

Maar… besef wel dat je missie als kerk heel goed past bij de online mogelijkheden van vandaag de dag. Als iets makkelijk gaat met online informatie, is het wel delen. Mensen hoeven niet op jouw lijst te staan om je toch te kunnen vinden. Inderdaad via je website of je sociale media kanalen.

Een kerk stond vroeger ook niet voor niks midden op het dorpsplein. Het is zichtbaar voor iedereen. ‘Verstop’ je dus niet als kerk, maar laat je zien, via de online mogelijkheden van deze tijd!

Wie bereik je echt?

Nu je helder hebt, wie je wilt bereiken, is de volgende vraag: bereik je die ook? Want niks zo frustrerend als hard werken zonder te weten of het zin heeft wat je doet. Zorg dus dat je kunt meten wat het effect van jouw inspanningen is. Daar zijn allerlei uitgebreide opties voor, die vooral interessant zijn voor marketingmensen.

Niks zo frustrerend als hard werken zonder te weten of het zin heeft wat je doet.

Heb je hier kaas van gegeten, mooi! Dan kun je dat ook goed toepassen voor je kerkelijke activiteiten. Is het niet jouw vakgebied? Ook dan kun je via redelijk eenvoudige tools inzicht krijgen in het aantal bezoekers op je website: 

  • Google Analytics – Wellicht gebruik je dit al voor je kerkelijke site. Zo niet, hier vind je een eenvoudig stappenplan hoe je een account kunt maken.
  • Maar kan Google Analytics nog wel met de AVG? – Goed punt. Als je een aantal aanpassingen doorvoert, is ook het gebruik van Google Analytics AVG-proof. Je vindt hier een duidelijke omschrijving om welke aanpassingen het gaat.

In hoeverre je inzet op sociale media effect heeft, is op je Facebookpagina eenvoudig in te zien via het tabblad statistieken. Datzelfde geldt voor Twitter en Instagram. Ook kun je natuurlijk e.e.a. afleiden aan het aantal likes, reacties en het delen van je berichten. 

Toegevoegde waarde?

Terug naar de lezersvraag. Door antwoord te geven op de twee subvragen: wie wil je bereiken en wie bereik je ook echt, heb je meteen antwoord op je vraag of een website en sociale media toegevoegde waarde heeft voor jouw kerk. En is dat op dit moment nog niet zo, dan dagen we je als Kerk-zijn online natuurlijk graag uit om er mee aan de slag te gaan. Wellicht laten jullie nu nog kansen liggen…

Daarom behandelen volgende maand de lezersvraag: ‘Hoe zorg ik voor relevante en aansprekende content voor de kerkwebsite en onze sociale media kanalen?’

Heb je zelf een vraag, stuur die dan in via ons reactieformulier of via onze Facebookpagina!

webcare

Webcare: hoe voer je online een goed gesprek?

Social media zijn geen eenrichtingverkeer. Als je als kerk actief bent op Facebook of Twitter dan ga je als het ware ‘het gesprek aan’ met je publiek. Hoe zorg je dan dat het een goed gesprek is? En wat doe je met vervelende reacties? 

Misschien herinner je het nog wel. Het speelde een paar jaar terug bij een grote online telefoonketen wiens klantenservice niet helemaal op orde was. Een bekend Nederlands cabaretier was klant en trok vervolgens flink van leer tegen dit bedrijf. Het was een harde les voor het bedrijf, maar wel een belangrijke. Zodra je online aanwezig bent, zorg dan ook dat je oplet wat er over je gezegd wordt. En reageer netjes en op tijd op vragen. 

Met webcare kun je flink druk zijn

Dat opletten en reageren noemen we ook wel ‘webcare’. Voor kerken ligt dit natuurlijk wat genuanceerder. Gelukkig maar, want met die zogenaamde ‘webcare’ kun je flink druk zijn. Toch kun je als kerken ook wat leren van een casus als deze. 

We geven een paar praktische tips:

  1. Wederkerigheid – Als je een bericht post op Facebook of Twitter, houd dan in de gaten of er reacties of vragen komen. Kijk hoe vaak dit redelijkerwijs nodig is; als je een of twee keer per week iets post dan is het voldoende om elke twee dagen te controleren of er berichten of reacties zijn. Spreek af wie uit het communicatieteam deze taak op zich neemt. 
  2. Let op je toon – Online is een publieke, open wereld. Mensen kijken mee, ook mensen die ‘toevallig’ op je site, Facebook pagina of Twitter feed komen. Wees je hiervan bewust en wees als kerk of kerklid zelf een voorbeeld in hoe je je online gedraagt. Een mooie richtlijn is de bijbeltekst: ‘Uw vriendelijkheid zij alle mensen bekend’. 
  3. Moderator – Spreek af wie van de communicatiecommissie social media in de gaten houdt en geef die persoon de rechten van een ‘moderator’. Een moderator kan ingrijpen als mensen op een vervelende manier op social media reageren. Vervelend is niet: kritisch, want dat mag. Reageer daar dan ook netjes en inhoudelijk op. Maar vervelend is bijvoorbeeld wel: grof of beledigend zijn. Je kunt mensen hierop wijzen en vragen hun toon te matigen. Als uiterste middel kun je mensen ook blokken (Facebook).

Als je op een goede manier omgaat met online vragen of opmerkingen kun je rekenen op meer respect en betrokkenheid van bezoekers. Het is dus zeker de moeite waard om hier serieus mee aan de slag te gaan! 

sociale media

Welke sociale media kies je als kerk?

Heel veel kerkmensen gebruiken sociale media, vaak zelfs meerdere. Daarom is het slim om als kerk sociale media te gebruiken in je communicatie met gemeenteleden.

tip: ‘Voor contact met jongeren blijf ik als predikant op Instagram’

Maar welke sociale media zet je in, het zijn er namelijk zo veel? Facebook, Instagram, Twitter, Pinterest, LinkedIn, YouTube, Vine etc. Welke zijn geschikt om te gebruiken als kerk?

Wie wil je bereiken?

Een basisadvies dat overal terug te vinden is, is om vooraf doelgroep en doelen te bepalen: wie wil je als kerk bereiken met sociale media en waarom? En welk sociaal medium wordt veel gebruikt door de doelgroep? Onderstaand schema geeft je alvast een beetje inzicht:

Gebruik van sociale media in 2017 in Nederland (bron: Marketingfacts)

Denk goed na over je keuze

Dominee Wim de Bruin schreef eerder voor Kerk-zijn online een blogserie over het effectief gebruik van sociale media door predikanten. Welk sociaal medium je inzet om je doel te gebruiken, vraagt bewuste doordenking, meent hij. Is dit ‘voorwerk’ in orde, dan heb je als kerk en/of predikant al een flinke slag gemaakt in het succesvol inzetten van sociale media.

tip: ‘Voor contact met jongeren blijf ik als predikant op Instagram’

Stel dat je als kerk actief bent op Facebook, Twitter en Instagram (kijk trouwens eens hoe aantrekkelijk deze gemeente het aanpakt op Instagram). Wie zorgt ervoor dat er regelmatig posts geplaatst worden en reageert op comments?

Afspraken maken

Het is belangrijk dat je binnen de kerk de volgende zaken duidelijk afspreekt:

  • Beheer: Wie beheert welk sociaal medium? (stel altijd minstens 2 beheerders aan).
  • Hoofddoel: Wat is het hoofddoel van elk sociaal medium? Pas daar de content op aan.
  • Webcare: Hoe ga je om met mogelijke (gevoelige) discussies via sociale media? Laat je dat gebeuren, grijp je op den duur in of sta je dat niet toe?
  • Eindverantwoordelijk: Wie is eindverantwoordelijk voor alle communicatie via sociale media? De predikant, iemand uit de kerkenraad, de coördinator van het communicatieteam?

Tot slot: zet liever 1 medium heel goed in dan 5 onvoldoende!


Lees hier meer informatieve blogs over sociale media of meld je aan voor onze nieuwsbrief.

twitter

Is Twitter het wel waard om als kerk mee te experimenteren?

RipTwitterJe kunt kerken adviseren met Twitter te gaan experimenteren maar heeft Twitter eigenlijk nog wel toekomst?

Deze opmerking volgde op ons blog over het gebruik van Twitter door kerken. Het is een goede en relevante opmerkingen, vindt Esther de Hek (lid van het projectteam van ‘Kerk-zijn online). Daarom gaat zij er in dit blog dieper op in.

Begin deze maand was de hashtag ‘#RIPTwitter’ populair op Twitter. Twitter had aangekondigd wijzigingen aan te brengen in de tijdlijn en dit schoot veel twitteraars in het verkeerde keelgat. Even daarvoor waren cijfers gepresenteerd waaruit bleek dat het aantal actieve twitteraars ook in Nederland flink was teruggelopen.

Sterfhuis

De cijfers liegen er niet om: de populariteit van Twitter is tanende. Het aantal actieve gebruikers daalt, vooral veel jongeren verlaten het sociale medium, juist een leeftijdsgroep die Twitter nodig heeft voor de toekomst. Ook doet het bedrijf het slecht op de beurs. Is een advies aan kerken om met zo’n ‘sterfhuis’ te gaan experimenteren wel op z’n plek, kun je je afvragen?

Het relatief kleine Twitter is groot genoeg om als lokale kerk honderden mensen te bereiken. Een prachtkans dus.

Hyves na?

Zonder de ogen te sluiten voor bovenstaande feiten is Twitter het nog steeds waard ook door kerken serieus genomen te worden, geloof ik. Ik acht de kans niet groot dat Twitter – zoals wel gezegd wordt –  het ooit zo populaire Hyves nagaat dat eind 2013 opgeheven werd als sociaal netwerk.

Maar al zou het sociale medium over 3 jaar niet meer bestaan, dan nog is het advies om als kerk actief op Twitter te zijn op zijn plaats.

Waarom?

  1. Het relatief kleine Twitter is groot genoeg om als lokale kerk honderden mensen te bereiken. Een prachtkans dus.
  2. Twitter ontwikkelde zich afgelopen jaren tot sociaal medium waarmee je niet de massa moet willen bereiken maar specifieke doelgroepen. Juist voor lokale kerken (die niet voor massa hoeven te gaan) zijn Twitter-doelgroepen daarom interessante doelgroepen. We hebben het dan bijvoorbeeld over: buurtbewoners, medechristenen in buurt en/of plaats, lokale partners als wijkzorg, wijkcentra, de Voedselbank, Vluchtelingenwerk, andere kerken in buurt en/of plaats, collega-predikanten en –pastores, twitterende gemeenteleden.
  3. Twitter biedt specifiek mogelijkheden om bij deze doelgroepen onder de aandacht te komen, hun interesse te wekken, hen van informatie te voorzien, met hen in contact te komen en het gesprek aan te gaan.
  1. Door zijn sterke opinie- en informatiefunctie biedt Twitter kerken de kans om mee te doen met het maatschappelijk debat en zo kerk midden in de samenleving te zijn.

Er is alleen te weinig best practice, dus is het goed om als kerk gewoon het experiment aan te gaan.

Account in onbruik geraakt

In het vorige blog over Twitter schreef ik al dat een kerkelijk Twitter-account effectief inzetten visie, tijd en energie vraagt. Simpel is dat niet, daar moeten we eerlijk in zijn.

Dat we nog te weinig zien dat Twitter relevant kan zijn voor lokale kerken komt met name omdat kerken nog niet vaardig lijken Twitter actief in te zetten. Gebruiken kerken Twitter dan doen ze dit vaak zonder visie op doel, doelgroep en content.

Of een account is ooit aangemaakt maar al snel in onbruik geraakt. Ook heerst de gedachte dat Twitter overbodig is omdat de kerk met het grotere en makkelijker in te zetten Facebook toch iedereen bereikt.

Dat Twitter niet bruikbaar kan zijn voor lokale kerken is daarmee echter nog niet aangetoond. Er is alleen te weinig best practice, dus is het goed om als kerk gewoon het experiment aan te gaan.

Tips

Weten hoe je dit aanpakt? Blijf ons volgen, binnenkort delen we enkele handzame, werkbare tips om als lokale kerk te (her)starten met effectief twitteren.

twitter

‘Experimenteer als kerk minstens een halfjaar met Twitter’

Foto EstherKerken lijken niet goed raad te weten met Twitter en maken er daarom weinig actief maar vooral effectief gebruik van. Dat is jammer, vindt Esther de Hek, lid van het projectteam van Kerk-zijn online en zelf actief twitteraar.

Kerken zouden volgens Esther minstens een halfjaar actief op Twitter moeten zijn om zelf te ontdekken welke mooie kansen dit sociale medium de kerk biedt.

Twitter is in Nederland een bekend sociaal medium, 2,6 miljoen Nederlanders hebben een account. Vergeleken met Facebook (9,6 accounthouders in Nederland) is Twitter echter een kleintje en – niet onbelangrijk – ook een ingewikkelder sociaal medium.

Ik merk dat veel mensen het nut van Twitter niet inzien en twitteren daarom verspilde tijd vinden. Dat is jammer, vooral omdat er zo voor bepaalde gebruikersgroepen kansen blijven liggen. Bijvoorbeeld voor kerken.

Van interactie is nauwelijks sprake, er wordt vooral gezonden.

Tweets van kerken zijn heel vaak saai

Predikanten hebben afgelopen jaren Twitter wel ontdekt, een aanzienlijk deel van hen twittert dan ook. Maar kerken zelf – dus lokale kerkelijke gemeenten – lijken niet goed raad te weten met het sociale medium. Ze hebben wel accounts maar:

  • op meer dan de helft gebeurt niets (‘slapende accounts’);
  • ze tellen vaak minder dan 100 volgers;
  • van interactie is nauwelijks sprake, er wordt vooral gezonden;
  • de tweets zijn heel vaak saai.

We volgen eerder de predikant

Dat dit het beeld is, moeten we eerlijk onder ogen zien en niet wegwuiven. Een persoonlijk Twitter-account effectief inzetten vraagt visie, tijd en energie, een ‘zakelijk account’ zonder persoonlijk gezicht nog veel meer. Want daar zit de eerste hobbel voor een kerkelijke gemeente die present is op het sociale medium Twitter: de zogeheten ‘likeability’ van mensen op sociale media is veel groter dan van organisaties, zo blijkt. We volgen op Twitter dus eerder de predikant van een kerkelijke gemeente dan het account van de gemeente zelf.

Twitter is een handig medium om informatie en opinies te delen en biedt zo kansen om kerk midden in de samenleving te zijn.

Minstens een halfjaar actief experimenteren met Twitter

Toch is het een gemiste kans voor kerken om Twitter te parkeren als moeilijk of onbruikbaar sociaal medium. Kerken die zich online beter en effectiever willen presenteren (en daar ondersteunt Kerk-zijn online kerken bij) doen er goed aan minstens een halfjaar lang actief te experimenteren met een eigen Twitter-account.

Waarom?

  1. Twitter kan de online communicatiekracht en het profiel van een kerk flink versterken.
  2. Ook is het een ideaal medium om als kerk (publieke) informatie van bijvoorbeeld je website en Facebook-pagina nog een keer te delen via de hyperlink naar die informatie.
  3. Twitter kan lokale kerken van dienst zijn bij het contact onderhouden (via interactie) met diverse doelgroepen, onder andere geïnteresseerde niet-kerkleden.
  4. Daarbij is het een handig medium om informatie en opinies te delen en biedt zo kansen om kerk midden in de samenleving te zijn.

Relevantie van je content is inmiddels bijna het belangrijkste voor je effectiviteit op sociale media.

Hoe pak je dit aan?

Natuurlijk moet je zo’n Twitter-experiment van een halfjaar niet out of the blue als kerk gaan opzetten. Daar gaat een traject aan vooraf, zoals doelgroepbepaling en nagaan wat relevant is om via Twitter naar buiten te brengen (relevantie van je content is inmiddels bijna het belangrijkste voor je effectiviteit op sociale media).

In een vervolg op dit blog geef ik enkele handzame, werkbare tips om als lokale kerk te (her)starten met effectief twitteren. Mijn streven is om de gebruiksdrempel zo laag mogelijk te houden; kerken hebben immers geen social-media-managers in dienst die hun online presentie regelen.

1 tip alvast:

  • Geef het Twitter-account van een lokale kerk een gezicht door in de Twitter-bio te vertellen wie er namens het account twittert (bijvoorbeeld de gemeentepredikant en een andere actieve, capabele twitteraar uit de gemeente).
doel

Met welk doel gebruik je als kerkelijke vertegenwoordiger sociale media?

Met welke doel kan een predikant, ambtsdrager of andere kerkelijke vertegenwoordiger sociale media inzetten? En voor welke aanpak kies je dan? Predikant Wim de Bruin vertelt in dit blog over zijn ervaringen hiermee.

Gebruik je sociale media, dan kun je er wat mij betreft niet omheen je af te vragen waarom je ze gebruikt. Wat wil je ermee, wat is je doel? Onder collega-predikanten en andere kerkelijke gebruikers zie ik grofweg 5 doelstellingen:

  1. Missionair
  2. Gemeenteopbouw
  3. Jezelf in de markt zetten
  4. Netwerken
  5. Opiniëren

Missionair

Sommige gebruikers van sociale media willen buitenkerkelijken bereiken met het Evangelie. Wat is dan de beste strategie? Een eerste reflex kan zijn het delen van allerlei opbouwende teksten. Maar het is de vraag hoe effectief dat is. Interactie en openstaan voor wat de ander werkelijk drijft, is minstens zo belangrijk. Ook is het noodzakelijk, denk ik, iets van jezelf te laten zien en je niet verschuilen achter een woordenbrij.

Gemeenteopbouw

Ook gemeenteopbouw kan een belangrijk doel van je gebruik van sociale media zijn. Steeds meer kerken hebben bijvoorbeeld een Facebook-groep voor de gemeente. Vooral voor het meeleven met elkaar is Facebook erg effectief. Rond een verjaardag of andere hoogte- en dieptepunten even iets van je laten horen is een kleine moeite, maar wel heel belangrijk.

Jezelf in de markt zetten

Sommige kerkelijke vertegenwoordigers willen bepaalde dingen ‘verkopen’. Bijvoorbeeld een boek, website of cursus. In zo’n geval is het goed om bewust na te denken over hoe je je doelgroep het beste bereikt. Het begint vaak al met iets simpels als een goede #hashtag op Twitter of een duidelijke pagina op Facebook. Daarmee is je product goed vindbaar voor mensen die ernaar op zoek zijn.

Netwerken

Veel predikanten brengen veel tijd alleen op hun studeerkamer doorbrengen. Sociale media zijn bij uitstek geschikt om contacten te onderhouden met collega’s en elkaar op die manier te steunen, soms heel praktisch bij de preekvoorbereiding. Collega’s kunnen goede boekentips hebben bijvoorbeeld. Sommigen omschrijven Twitter daarom wel  als hun ‘praatje bij het koffieautomaat’.

Opiniëren

Sociale media zijn heel geschikt om meningen te uiten. Wil je maximaal effect, formuleer je bericht dan zo puntig mogelijk. Koppel er op Facebook een plaatje aan, mensen klikken namelijk significant vaker op een bericht met plaatje dan een bericht zonder plaatje. Langere meningen kun je het beste uiten via een weblog. Een korte link op Facebook en Twitter met een pakkende titel erbij doet de rest.

Bij welke doel kies ik voor welk sociaal medium?

Facebook is typisch een sociaal medium dat gericht is op onderlinge contacten. Twitter heeft zich afgelopen jaar veel meer ontwikkeld tot nieuwsmedium. Welk sociaal medium je inzet om je doel te gebruiken vraagt bewuste doordenking. Bij een doel als netwerken is de keuze simpeler dan bij missionair-zijn of gemeenteopbouw.

In alle gevallen is het goed om na te denken over de aard van het medium dat je gebruikt. Concreet betekent dit dat ik een foto van mijn kinderen eerder op Facebook deel dan op Twitter. En mijn opinie over wat er in kerk of maatschappij speelt, deel ik juist weer eerder op Twitter.

Een paar tips:

  1. Kies ervoor via sociale media interactief te zijn en relaties aan te gaan. Niets is zo effectief als echt contact leggen met andere mensen. Een open houding voor het perspectief van de ander is daarbij belangrijk. Zo laat je als ambtsdrager en gelovige zien dat je niet alleen (s)preekt, maar bereid bent tot een goed gesprek.
  2. Laat in de interactie vooral iets van jezelf zien. Ook hoe jij als mens worstelt met bepaalde dingen. Of hoe je mening over een bepaald thema tot stand komt. Echte menselijkheid doet het in de praktijk beter dan een mooi profiel waarachter je je verschuilt.
  3. Gebruik je sociale media als instrument voor gemeenteopbouw, denk dan als predikant of ambtsdrager goed na over je opstelling in de online discussies. Realiseer je dat online discussies eerder uit de hand lopen dan offline discussies. Op tijd stoppen is daarom belangrijk om sommige relaties goed te houden. Desnoods spreek je iemand met wie je in discussie was even aan op zondag.

Tijdens de inspiratiebijeenkomsten van ‘Kerk-zijn online’ in 2015 leidde predikant Wim de Bruin een workshop over hoe vertegenwoordigers van kerken sociale media effectief kunnen inzetten. Zijn presentatie voor de workshop herschreef hij tot een aantal blogs.

zenden

Ben je een zender, een sociaal dier, een prikkelaar of een studeerkamergeleerde?

Predikant Wim de Bruin over vier manieren om sociale media in te zetten als predikant, ambtsdrager of andere kerkelijke vertegenwoordiger.

Ik schrijf dit blog als ervaringsdeskundige. Ik was al aanwezig op sociale media vóór mijn predikantschap. Doordat ik veel dingen heb gezien en gedaan, ben ik door schade en schande wat wijzer geworden in het gebruik van sociale media.

4 gebruikersprofielen

Je zou onder vertegenwoordigers van kerken 4 manieren kunnen onderscheiden waarop zij zich op sociale media profileren. Ik baseer mij hierbij op wat ik afgelopen jaren onder vertegenwoordigers van kerken (vooral ambtsdragers) gezien heb. Het is daarom geen wetenschappelijke analyse, maar wel herkenbaar. Dit zijn de profielen:

  • de zender
  • het sociale dier
  • de prikkelaar
  • de studeerkamergeleerde

De zender

De zender gebruikt sociale media om zijn/haar boodschap zo goed mogelijk over te brengen. Sommige predikanten delen bijvoorbeeld wekelijks preekthema’s, soms met extra beeldmateriaal. Anderen delen bijbelteksten, inspirerende blogteksten en korte christelijke overwegingen. Een opvallend kenmerk van deze groep gebruikers is dat ze vaak weinig doen aan interactie.

Het sociale dier

Deze groep gebruikers kiest juist bewust voor veel interactie, die vooral positief is en gericht op de relatie met anderen. Ze laten vaak iets van zichzelf zien, ook in het falen. Dat laatste voorkomt dat hun online identiteit een te zonnig imago krijgt, iets wat niet zou stroken met de werkelijkheid.

De prikkelaar

De prikkelaar houdt van een pittige online discussie. Hij of zij stuurt berichten de wereld in met het doel reactie uit te lokken. Vaak zit er een ironische of zelfs cynische ondertoon in. Tegelijk gaat het vaak gepaard met humor en zelfrelativering. Zonder die laatste elementen loop je met dit profiel het risico van verzuring.

De studeerkamergeleerde

Deze groep, die je ook ‘inhoudelijke gebruikers’ zou kunnen noemen, gebruikt sociale media vooral inhoudelijk. Ten opzichte van ‘de zender’ delen ze minder dingen. Ze doen dit alleen als de informatie echt nuttig is voor anderen.

De inhoudelijke gebruiker gaat veel interactie aan op sociale media, maar vooral op een rustige inhoudelijke manier. Zij lopen het risico ervaren te worden als een studeerkamergeleerde.

Waarom kies je voor welk profiel?

Zender, sociaal dier, prikkelaar of studeerkamergeleerde zullen ieder hun redenen hebben voor de manier waarop zij de sociale media gebruiken. Misschien vinden ze het gewoon prettig en past het bij hen. Maar er kan ook een bewuste strategie achter zitten.

In een volgend blog (dat volgende week verschijnt) ga ik daar dieper op in. Het loont namelijk de moeite om na te denken over jouw doel om sociale media te gebruiken en welk profiel daarbij kan passen.

Laat het weten

Reacties zijn van harte welkom. Mis je een profiel of herken je je in één van de door mij genoemde profielen?  Laat het weten onder dit blog of tweet me.


Tijdens de inspiratiebijeenkomsten van ‘Kerk-zijn online’ in 2015 leidde predikant Wim de Bruin een workshop over hoe vertegenwoordigers van kerken sociale media effectief kunnen inzetten. Zijn presentatie voor de workshop herschreef hij tot een aantal blogs.